wksmits.punt.nl
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
    Welkom!
    Na ons huwelijk in Dokkum, de verlate huwelijksreis naar Zuidoost Azië, en onze gezamelijke promotie in Groningen, bevinden wij (Danka en Wiep Klaas) ons momenteel in Somerville, in de Verenigde Staten van Amerika waar we allebei werken aan een universiteit (Northeastern University en MIT).
     
    Via dit blog willen we het thuisfront op de hoogte houden van ons doen en laten.
    Een reactie op onze berichtjes of een e-mail wordt natuurlijk altijd gewaardeerd, ook als we geen tijd zouden hebben om direct persoonlijk te reageren.
     
    Alvast bedankt!
    Zoals velen van jullie ongetwijfeld wel wisten, ben ik een tijd terug al begonnen om me te orienteren op de banenmarkt. Met de geboorte van Amelia, werd het voor ons een prioriteit om een baan te vinden die in Nederland, of in ieder geval in Europa was. Daarom ben ik in mei naar het BCFevent in Amsterdam geweest. Via via hoorde ik daar van een baan in het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) en van het één kwam het ander. Ik heb per e-mail en telefoon contact gezocht met de groep daar, en toen er een postdoc uit de groep via Boston naar een conferentie ging, heb ik hem op het vliegveld ontmoet. Uiteindelijk leidde dit ertoe dat ik een baan aangeboden heb gekregen, ook al was ik niet op bezoek geweest om bijvoorbeeld de groepsleider te ontmoeten. Na enig wikken en wegen heb ik besloten om het aanbod aan te nemen, en daarmee komt onze terugkeer naar Nederland ineens een stuk dichter bij.
     
    Door alle drukte in de zomer was er niet eerder gelegenheid voor mij om naar Nederland te komen voor een werkbezoek dan eind november. Maar het was tijd om spijkers met koppen te slaan ten aanzien van mijn aanstelling, dus ben ik van de 14e tot de 19e alleen heen en terug gegaan naar Nederland.
     
    Leiden ligt op maar een halfuur van Schiphol en nadat ik zondagochtend in de aankomsthal een kopje (ja, de kopjes zijn wel een stuk kleiner inderdaad) cappuccino te hebben gehad, ben ik  naar Leiden gegaan. Er was een hotel voor mij geboekt, dat grappig genoeg "Mayflower" heette (naar de boot waarmee de Pilgrims destijds vanuit Leiden naar Massachusetts vertrokken).
     
      
    Hotel Mayflower
     
    Het hotel lag op loopafstand van het station; nu moet ik er eerlijkheidshalve bij zeggen dat je vanaf het station al snel ergens naar toe kan lopen, maar dit was inderdaad maar een paar minuten. Nadat ik mijn spullen daar had achtergelaten, had gedouched en even gerust, werd ik afgehaald door ex-Bostonian Elke, die me vervolgens op sleeptouw nam om de jetlag te overwinnen. We zijn na een kop koffie en een stevige wandeling door de stad uiteindelijk in Cafe Einstein beland, waar we ook gegeten hebben. In die paar uurtjes hadden we ook lekker de gelegenheid om even bij te praten.
     
     
     
    De volgende dag had ik om 10u afgesproken met Ed Kuijper, het hoofd van de groep waar ik ga werken. De eerste dag stond in het kader van kennismakingen: met het LUMC, de afdeling Medische Microbiologie, de onderzoeksgroep zelf en de personen daarin. Daarnaast werd ik geintroduceerd tot het lopende onderzoek, en gaf ik zelf een praatje over mijn huidige werk. Ook hebben we kort gesproken over een eventuele beursaanvraag. Dat klinkt allemaal beknopt, maar was natuurlijk superintensief voor iemand met een jetlag. Gelukkig was er ruim koffie voorhanden.
     

    Hoofdingang van het LUMC
     

    De vleugel van het LUMC waar ik ga werken
     
    Na afloop van alle gesprekken was het inmiddels donker. Ik ben via het hotel gegaan om me even te verkleden, maar besloot dat ik daarna toch moest proberen om wat van de stad te zien. Een groot deel van de historische gebouwen leek gelukkig verlicht, en er waren ook al plaatsen met kerstverlichting hetgeen de stad een gezellig gezicht gaf. Na een maaltijd bij één van de vele pannenkoek-restaurants die in de omgeving van het hotel lagen (waarom zo dicht bij elkaar is mij een raadsel), ben ik 's avonds nog aan het werk geweest (uitwerken ideeën voor onderzoeksvoorstel) en heb ik natuurlijk ook per internet contact gehad met het thuisfront.
     
     
    Leiden bij nacht
     
     
     
    Op dinsdag was er wederom een intensieve werkdag; ondermeer een ontmoeting met de afdeling P&O (contract onderhandelingen, CAO bespreking, etc) en een bespreking van de grote lijnen van mijn onderzoeksvoorstel. Daarnaast ook een ontmoeting met prof. Snijder en prof. Kroes, het hoofd van de afdeling Medische Microbiologie. 
    Toch was ik al met al iets eerder klaar dan de dag ervoor, en kon ik daardoor bij daglicht nog even rondfietsen op de geleende labfiets  Om goed af te sluiten, heb ik mezelf daarna getrakteerd op een wild biefstuk in Restaurant Scarlatti (erg lekker!).
     
    De terugvlucht was geboekt voor donderdag, waardoor ik woensdag nog een dag te besteden had. Heit en mem waren daarvoor speciaal met de trein overgekomen uit het hoge Noorden; samen hebben we ondermeer de markt verkend, chinees-indisch gegeten bij Asian Palace, en hebben we uitgezocht hoever het strand nu eigenlijk is vanuit Leiden. Helaas zat het weer niet echt mee (welkom in Nederland!): het was wat regenachtig, en waaide hard. Maar daar hebben we ons natuurlijk niet door laten afschrikken!
     
     
    Op het strand van Katwijk aan Zee
     
     
    Lekker uitwaaien!
     
    Donderdag zat het bezoek er ook al weer op; aan de ene kant was het natuurlijk erg kort, en superintensief, maar aan de andere kant was ik ook weer blij om terug te kunnen naar mijn "dames"...
     
    Om de traditie in stand te houden van mijn vorige vliegreizen: ook dit keer heb ik natuurlijk een aantal films gekeken. Allereerst Star Trek, een film die hier dit jaar een groot kassucces is geweest. Verrassend goede film, al blijft het fenomeen tijdreizen (en de consequenties daarvan) altijd lastig. Maar erg leuk om jonge versies te zien van karakters die je terugkent uit latere series (tenminste als je, zoals ik vroeger, een hoop van de afleveringen hebt gezien). Daarnaast Sin Nombre: een film die de pogingen van een aantal mensen uit Honduras volgt die naar de VS willen vluchten. Een erg donkere film, die een hard beeld geeft van  de gangs in Midden-Amerika. Volstaat te zeggen dat het niet echt een film is om vrolijk van te worden, maar die ik desalniettemin kan aanraden. Tot slot heb ik ook nog Adventureland gezien. Daar ga ik geen woorden aan vuil maken; tijdsverspilling.
     
    Lees meer...   (2 reacties)
    Laatst werden we gevraagd wat we nou zouden missen van Boston/Cambridge/Amerika, als we begin volgend jaar terugkomen naar Nederland. Daardoor ga je eens wat kritischer kijken naar je ervaringen hier, en wat je wel of niet bevalt. Ik denk dat voor iedereen die emigreert het begin het moeilijkst is; je ziet dan met name de negatieve kanten van je nieuwe situatie, en de goede kanten van wat je daarvoor had. Als je dan vervolgens ergens wat langer bent krijg je een vrienden en kennissenkring, vind je je draai en wordt het allemaal een stuk makkelijker. De eventuele volgende stap, als je daaraan toegeeft, is dan dat je je op je gemak gaat voelen in op je dan-niet-meer-zo-nieuwe plek. Nu zijn we daar nog niet helemaal beland (ik schat dat daar meer dan 3 jaar voor nodig is), maar we zijn zeker wel in de tweede fase. Dat wil zeggen dat er absoluut dingen zijn die we hiervandaan zullen missen: dat je overal koffie to go kunt kopen bijvoorbeeld, of dat er altijd iets te doen is (getuige ook onze blog). Het feit dat je oceaan, bos en bergen binnen een paar uur rijden hebt. En in dat rijtje hoort natuurlijk ook het wetenschappelijke klimaat in Boston en omgeving.

    Je kan er lang en kort over praten, het feit blijft dat als je in de levenswetenschappen werkt (of dat nou microbiologie, kanker-onderzoek of medische wetenschap is) er weinig plekken zijn waar je beter kan zijn dan Boston. Er is gewoonweg zo'n hoge concentratie van goede universiteiten, instituten, ziekenhuizen en biotech bedrijven dat er altijd een kritische massa is voor toponderzoek. Een bijkomend gevolg is ook dat belangrijke mensen uit het veld eerder geneigd zijn om een lezing te komen geven.

    Bij de faculteit Biologie komt iedere week tijdens het collegejaar iemand een lezing geven (het Biology Colloquium). Soms zijn het mensen uit de omgeving, en soms komen ze van verder weg. De afgelopen week stond er iemand uit Engeland op het programma, professor Venki Ramakrishnan. En laat nou net kort daarvoor bekend gemaakt zijn dat hij één van de winnaars van de Nobel prijs voor de scheikunde is voor 2009...


    Een afgeladen zaal in het Stata Center
     
    Dàt, plus een extra email van het hoofd van de afdeling Biologie, zorgde ervoor dat er ruim voor aanvang van de lezing er een menigte mensen stond te wachten voor de zaal. Dom genoeg had men geen rekening gehouden met een dergelijke toeloop, en er was dan ook geen overflow room beschikbaar. 
     
    Danka en Amelia waren er ook, maar veel meer dan het begin en het einde van de lezing hebben ze niet meegekregen; allereerst omdat Amelia de grote hoeveelheid onbekenden toch wel een beetje eng vond, en ze eigenlijk ook wel wilde eten, maar daarnaast ook omdat iedereen die in het gangpad of de weg naar de deur stond of zat daarvandaan werd gebonjourd door MIT police (met als reden: publieke veiligheid en staatswetgeving). De lezing werd er zelfs voor stilgelegd (niet echt goede stijl natuurlijk).
     
    De lezing zelf was erg de moeite waard; superwerk (vandaar natuurlijk ook de Nobelprijs), en goed gepresenteerd. Het klapstuk was een computeranimatie van het werk (ze doen kristalstructuren van eiwitcomplexen), begeleid door toepasselijke popmuziek. Ik heb geprobeerd om het online te vinden, maar helaas. Volstaat te zeggen dat Amelia heeft meegedanst en geklapt met de rest van het publiek. 
     
    Nu we het toch nog over lezingen hebben: Obama was hier ook, afgelopen vrijdag (de 23e). Op papier kwam hij een lezing geven over duurzame energie (één van de speerpunten in het onderzoek van MIT), maar het was al gauw duidelijk dat een belangrijke andere reden was dat een aantal sleutelfiguren van de democratische partij (waaronder de gouverneur Deval Patrick van Massachusetts) binnenkort voor een (her-)verkiezing staan. Ondanks de dus wat politieke ondertoon was het een redelijke toespraak; ik heb Obama wel betere horen geven. Gezien het internationale karakter van MIT had ik een iets minder patriottische insteek verwacht, maar hij deed wel goed zijn best om het een beetje toe te spitsen op MIT (met onder andere grapjes over de rivaliteit tussen Harvard en MIT).
    Jammer genoeg was het bijwonen van de toespraak alleen op uitnodiging, en werd ik dus gedwongen om via de webcast de handel te beluisteren (kan ook nu nog). 
    Lees meer...
    Sinds ik naar Cambridge ben gekomen (eerst om te interviewen, en vervolgens in Alan's lab), nu meer dan twee jaar geleden, is er een aardig verloop geweest in de mensen in het lab; Jenny Auchtung, Melanie Berkmen werd assistant professor aan Suffolk University, Alexi Goranov werd postdoc in het Cancer Center van MIT, Adam Breier is overgestapt op patent-wetgeving en Lyle Simmons is assistant professor geworden aan Michigan State University.
     
    Van de oude garde gaat er binnenkort nog iemand weg: Kevin Griffith. Ik heb met name in het begin veel samen met Kevin gewerkt, omdat ik met een techniek werk die door Kevin is opgezet in het lab (conditional degradation of proteins; d.w.z. dat ik een eiwit in de cel kan afbreken kan maken op een moment dat ik dat wil). Kevin heeft een positie als groepsleider (prof) aangenomen aan de University of Massachusetts in Amherst. Hij blijft dus relatief in de buurt.
    We konden dat natuurlijk niet ongemerkt voorbij laten gaan, en daarom hadden we een uitzwaai-borrel georganiseerd. Afgelopen donderdag was het zover, en hebben we met de diverse labs van onze afdeling (Grossman, Kaiser, Baker, Sauer en Laub) gezellig een biertje gedronken en getoast op de toekomst van Kevin.
     
     
    Kevin en co bekijken de kaart
     
    We hadden natuurlijk ook een aantal kadootjes verzorgd: de twee basis tekstboeken over Bacillus, een set champagneglazen (om alle toekomstige publicaties te kunnen vieren), en een aantal t-shirts van zijn nieuwe werkgever.
    Danka merkte terecht op dat dit eigenlijk omgekeerd is als in Nederland; wij kregen immers een sweater van de RUG bij onze promotie. Onze theorie is dat dat het komt omdat men hier over het algemeen zelf al kleding heeft met de naam of logo van de universiteit (dus voordat men weggaat). De cultuur is hier, net als in Oxford (UK) overigens, veel meer dat men middels kleding laat zien aan welke universiteit (of college in het geval van de UK) men studeert. Nog een shirt geven als men weggaat is dan ook eigenlijk overbodig.
     
    Al met al ben ik nu één van de personen die het langst in het lab is; een wonderlijk idee, omdat ik nog steeds het idee heb dat ik er nog niet zo lang ben. Alleen Bijou, Alan en Cathy zijn er langer - en van deze is Bijou een AIO die binnenkort hoopt te promoveren. Maar er zijn natuurlijk ook mensen bijgekomen: twee AIOs (Kayla en Tracy) en drie postdocs (Carla, Houra en Ana) - en er komen nog steeds nu en dan personen langs voor een interview. Het mooie is dat er nu weer een kritische massa is van mensen die aan hetzelfde onderwerp werken als ik, waardoor het makkelijker is om eens te brainstormen over het onderzoek.
     
    Lees meer...
    In een ver en grijs verleden, toen we net aangekomen waren in de VS, was één van de eerste meetings waar we naar toe gingen de Boston Bacterial Meeting (BBM). Omdat we ook in 2008 daar zijn geweest, was het dit jaar voor ons dus al de derde keer dat we deelnamen. Om jullie er even aan te herinneren: BBM is een door AIOs en postdocs georganiseerde conferentie voor iedereen in Boston en omgeving die aan microbiologie, in de breedste zin van het woord, werkt.
     
    In de voorgaande jaren was Bijou uit ons lab nauw betrokken bij de organisatie, maar dit jaar had ze besloten ermee te stoppen. Er dreigde mede daardoor geen vertegenwoordiging van MIT in de organisatie te komen, en daarom besloot ik om me aan te melden als vrijwilliger. In de maanden voor BBM hadden we dan ook een aantal meetings om alles logistiek te regelen: de registratie, de catering, het maken van het boek met de samenvattingen, het maken van de naamkaartjes enzovoorts.
     
    De meeting zelf vond plaats op de campus van Harvard, net als in 2008. Dit had natuurlijk als voordeel dat er voor een hoop dingen al een contactpersoon of draaiboek was. De hoeveelheid werk viel me dan ook alleszins mee. De grootste drukte was natuurlijk op de twee dagen van de conferentie zelf. Als vrijwilligers moesten we natuurlijk zorgen dat de audio en video geregeld was, de borden voor de posters klaar stonden, de on-site registratie vlot verliep en er duidelijke bewegwijzering was voor het auditorium, de toiletten etc.
     
     
    Auditorium B van het Harvard University Science Center
     
    Dit jaar was er een zeer groot aantal deelnemers, ondanks dat de meeting overlapte met een andere conferentie over Gram positieve bacteriën die plaatsvond in San Diego. Er waren zo'n 350 mensen geregistreerd voorafgaand aan de meeting, en daar zijn denk ik nog zo'n 50 personen bijgekomen die zich op de dag zelf hebben geregistreerd. De meesten komen uit Boston/Cambridge/Somerville, maar daarnaast waren er ook microbiologen uit Amherst, Worcester en zelf verder weg (Yale, Montreal). Eén van de leuke dingen van BBM is dat er een grote diversiteit is. Voor de niet-wetenschappers: een conferentie als deze bestaat over het algemeen uit drie groepen mensen.
    1. De mensen die een mondelinge presentatie geven.
    2. De mensen die hun werk via een poster presenteren.
    3. Mensen die alleen als toehoorder deelnemen.
    Voor 1 en 2 moet je voorafgaand aan de conferentie een verzoek met een samenvatting van je onderzoek indienen, die beoordeeld wordt door een commissie. die beslist wie er mogen presenteren. Dat gaat op grond van de kwaliteit van de wetenschap, maar in het geval van BBM ook op grond het onderwerp waar men aan werkt (om de diversiteit te garanderen), waar men vandaan komt (om te zorgen dat ook mensen van kleinere universiteiten of onderzoeksgroepen een kans hebben), of men een postdoc of AIO is (die hebben bij BBM voorrang) enz. Ik had een verzoek ingediend en werd geselecteerd voor een praatje, Danka presenteerde haar werk via een poster.
     
     
    Danka had stiekum een foto gemaakt tijdens mijn praatje...
     
     
    ... en ik tijdens de sessie waarin Danka haar poster presenteerde.
     
    Het is niet ongebruikelijk bij wetenschappelijke congressen dat er één persoon een zogenaamde keynote address geeft; dat wil zeggen dat die betreffende persoon speciaal door de organisatie is uitgenodigd om een verhaal te komen geven (en meestal is hiervoor ook meer tijd uitgetrokken dan voor de andere presentaties). Zo ook bij BBM.
    Dit jaar was het vijftiende achtereenvolgende jaar dat BBM werd georganiseerd. Mede daardoor was er besloten dat de keynote speaker voor dit jaar degene moest zijn die (samen met twee anderen) BBM begonnen was: Richard Losick. Hij is prof aan Harvard, en wordt wel de graddaddy of Bacillus research genoemd. Veel onderzoekers die aan Bacillus werken heb op enig moment een periode bij hem in het lab doorgebracht.
     
      
    Losick tijdens zijn presentatie
     
    Met al zijn jaren van ervaring is Losick niet alleen erg goed in het schrijven van papers (door zijn papers te lezen kan je een hoop leren over hoe je je onderzoek moet presenteren), maar ook een goede spreker (die twee zijn natuurlijk ook met elkaar verwant). Dit komt ook omdat hij (in tegenstelling tot sommige anderen) van mening is dat iedere wetenschapper les moet blijven geven omdat dit je dwingt om na te denken over je onderzoek en dingen terug te brengen tot de kern. Een deel van zijn presentatie ging dan ook niet over wetenschap, maar over wat belangrijk is als jonge onderzoeker om rekening mee te houden.
    Losick is superbekend en wordt dan ook voor van alles en nog wat gevraagd. Zo was hij ook ooit gevraagd om een cover illustratie te leveren voor een tekstboek over microbiologie geschreven door iemand die hij kent. Hij haalde dit boek aan toen hij het had over de 15 minutes of fame voor Bacillus: het boek is namelijk gebruikt in een reclame voor de nieuwe Iphone
     
    Tot slot is er natuurlijk tijdens een meeting ook gelegenheid om te socializen met de andere wetenschappers, al dan niet van je eigen groep. Aan het eind van de dag waren er hapjes en drankjes, en na een hele dag luisteren naar wetenschap gaan die er natuurlijk prima in!
     
     
    Danka met (een deel van) haar groep,
    inclusief baas Kim Lewis (uiterst links)
    Lees meer...
    Na bijna een jaar van voorbereidingen was het eind januari dan eindelijk zover: de dertiende European Career Fair @ MIT (ECF). Daar waar ik vorig jaar nog  als één van de teamleden deelnam, ben ik het afgelopen jaar betrokken geweest als co-voorzitter van het evenement. Voor mij was het dan ook de culminatie van alle inspanningen van het afgelopen jaar.
     
    Het is voor mij vooral een leer-ervaring geweest: wat komt er bij kijken om een dergelijke banenbeurs op poten te zetten, hoe manage je een team van zo'n 40 personen die voor de fair mekaar over het algemeen niet kennen, hoe zit het financieel in elkaar, en hoe zorg je ervoor dat er voldoende kandidaten en werkgevers deelnemen. Ik zal jullie niet vermoeien met de details, maar kan ermee volstaan te zeggen dat ik in de laatste weken voor de fair niet veel aan mijn onderzoek ben toegekomen...
     
    Toen ik, samen met Ramon, als voorzitter van de ECF begon hadden we nog geen idee van de economische crisis die ons te wachten stond. Onze voorzichtige projecties gingen dan ook uit van een soortgelijk aantal deelnemers als het voorgaande jaar. Maar door de crisis werden deze verwachtingen al snel de grond in geboord; heel veel werkgevers (lees: bedrijven) met name zagen af van deelname omdat ze geen mensen aannamen (of juist ontsloegen) of het gewoon financieel niet aankonden. Met een totaal aantal deelnemers van 117 waren we dan aan het eind ook heel content. Wat meer was, er waren een stuk meer deelnemers uit Nederland dan de jaren ervoor. Blijkbaar sijpelt ook in Nederland het besef door dat je tegenwoordig actief goede mensen moet recruteren, en ze niet langer vanzelfsprekend op je af komen. De RUG was dit jaar bijvoorbeeld één van de nieuwe deelnemers; toch leuk om te zien!
     

    Winters weertje in Boston (zicht bij het Hyatt hotel vandaan)
     
    Zoals inmiddels gebruikelijk begonnen de ECF-geaffilieerde activiteiten op vrijdag; ik ben die middag eerst naar een mede door de Europese Commissie georganiseerde panel discussie over entrepreneurship in Europa geweest. Het was vooral een gelegenheid om alvast onze partners te begroeten: de Delegatie van de Europese Commissie in de VS en de MIT International Science and Technology Initiatives (MISTI). Het leggen van dergelijke contacten is een leuke bijkomstigheid van het organiseren van de Career Fair (vond ik tenminste).
    Voor de rest hebben we vrijdag namiddag en avond de fair opgebouwd; met het hele team hebben we ervoor gezorgd dat alle stands opgezet werden, het materiaal werd uitverdeeld, de pakketten die via MIT Mailservices werden bezorgd in de goede stand terecht kwamen etc. Ook hebben we de audio/video en electriciteit aangelegd; alles natuurlijk in samenwerking met MIT Facilities en het bedrijf wat de stands verhuurt Dame.
     

    Het opbouwen van de stands in de Johnson Track
     
    We waren redelijk op tijd klaar, mede dankzij een goede planning en het geluk dat we eerder de locatie in konden dan gepland (er was een sport evenement elders, waardoor de zaal niet in gebruik was door het athletiek team). Danka en ik zijn vervolgens naar het Cambridge Hyatt Regency hotel gegaan: het hotel waarmee we samenwerkten voor dit evenement. Dit ligt dicht bij MIT, en daardoor hoefden we de volgende ochtend vroeg niet helemaal uit Somerville te komen (op een tijd waar er vrijwel geen openbaar vervoer nog is).
     
    Zaterdagochtend zijn we om ongeveer half zeven begonnen; de laatste dingetjes in orde brengen, ontbijt klaarzetten voor de werkgevers, voorkomen dat mensen te vroeg de zaal binnengaan etc. De werkgevers kregen vervolgens zo'n drie kwartier voor de kandidaten toegang tot hun stands, om de promotiematerialen en dergelijke klaar te maken. 
     

    Als kapitein op het schip
     
    Net als vorig jaar hadden we ook nu weer walkie-talkies om de communicatie tussen de teamleden te vergemakkelijken; onmisbaar bij zo'n evenement. We hadden dit jaar ook voor het eerst team apparel, d.w.z. een ECF-das of -sjaal. Dit om de team leden makkelijker herkenbaar te maken. Het was onderdeel van de inspanningen van Ramon en mij om de fair een duidelijker gezicht te geven (we hebben ook bijvoorbeeld een huisstijl laten ontwerpen).
     
    Om 9u 's ochtends ging het vervolgens los; gedurende de hele dag zijn er naar schatting zo'n 3000 candidaten geweest. Het gaat altijd een beetje in golven, maar het is geen moment van de dag echt rustig geweest. Het was voor ons afwachten, omdat we dit jaar een dikke week eerder waren dan de traditionele tijd waarop de fair werd georganiseerd. Nu viel de fair in IAP, waarbij een deel van de studenten van MIT niet op de campus is. Maar naar het zich laat aanzien heeft dat geen negatief effect gehad op de hoeveelheid deelnemers.
     

    Drukte van belang
     
    Voor iedere geinteresseerde was er ook dit jaar weer de catalogus; jullie herinneren je misschien dat Danka zich daar vorig jaar druk mee heeft beziggehouden. Dit jaar werd dit door anderen in mekaar gezet; wederom naar een template die we hebben laten ontwerpen (in het kader van de professionalisering). Om het boekje op tijd bij de drukker te krijgen hebben we op een gegeven moment zelfs een hele dag doorgewerkt (zondagochtend 10u tot maandagochtend 9u, non-stop). Dat was wel even afzien. Maar het resultaat mag er wezen, al zeg ik het zelf...


     Danka showt de catalogus
     
    Naast de drukte van de organisatie hebben we natuurlijk ook van de gelegenheid gebruik gemaakt om met deze en gene te praten; ben uiteraard bij alle Nederlandse deelnemers langs geweest om de meningen even te peilen, en daarnaast bij een aantal bedrijven die actief zijn de levenswetenschappen.
     

    In gesprek over het netwerk van Europese wetenschappers in de VS

    Danka had zich dit jaar opgeworpen als pijler van het interview team, wat er voor zorgt dat alle kandidaten op de interview dagen na de beurs bij de juiste werkgevers belanden voor interviews. Voor hen begon het werk dan ook gelijk na afloop van de fair, en ging door tot in de kleine uurtjes die avond. Een hoop werk, maar wel dankbaar als je ziet dat het de volgende dag allemaal vrij soepeltjes verloopt. 
     

    Gegevens controleren van de interviews (Katya en Danka)
     
    Gelukkig konden ze nog wel tijd vinden om ook bij het galadiner te zijn dat we 's avonds hadden georganiseerd voor de ECF team leden en de werkgevers. Tijdens dit diner moesten Ramon en ik naar goed gebruik natuurlijk ook speechen; we hadden het thematisch opgehangen aan de inauguratie toespraak van Obama, en ik denk dat het in goede aarde viel.
     
    Bij het gala diner waren ook een aantal alumni co-chairs van de voorgaande edities van de European Career Fair aanwezig; het kon natuurlijk niet anders dan dat er even een foto geschoten moest worden van iedereen samen. Hieronder dus v.l.n.r. (en boven naar beneden): Mike Koeris (ECF2005), Katrin Arnold (ECF2008), Wiep Klaas Smits (ECF2009), Antoine Jérusalem (ECF2007), Sven Loebrich (ECF2008), Predrag Djuranovic (ECF2007) & Ramon Salsas-Escat (ECF2009).



    Na afloop van het diner was er nog de gelegenheid tot na-borrelen, onder begeleiding van de ingehuurde jazz band. En met deel 1 van de fair achter de kiezen konden de meeste team leden zich ook een beetje ontspannen, waardoor we zowaar een vrijwel complete groepsfoto konden maken in de foyer van het hotel!
     

     
    Maar zoals ik al noemde is de ECF niet afgelopen na de zaterdag: er volgen nog twee dagen van interviews voor de werkgevers die van die optie gebruik willen maken. We hebben even snel een optel sommetje gemaakt na afloop van de fair, en er zijn meer dan 1100 interviews gedaan waarvan wij op de hoogte waren. Je kan je voorstellen dat dat ook nog een logistiek kunststukje is geweest om dat in goede banen te leiden. Toch is het allemaal super verlopen, mede doordat Danka en haar team een nieuw systeem implementeerden dat het voor ons makkelijker maakte om alles in de hand te houden.
     
     
    Danka en Ramon tijdens de fair; de candidate information desk op één van de interviewdagen
     
    Voor mij is, terugziend op het hele evenement, misschien wel de grootste voldoening dat ik het gevoel had dat alle team leden het relatief relaxed hebben ondergaan. Dat is toch een teken dat we het allemaal goed in de hand hebben gehad. Ik kijk dan ook met voldoening terug op ECF2009.
     
    We zijn er natuurlijk nog niet klaar mee; we hebben nu nog de financiële afhandeling, en moeten ook nadenken over onze opvolgers. Maar dat zijn zaken die we in de komende weken hopen op te lossen. 
    Ik kan me nu in ieder geval weer 99% bij mijn werk bepalen... toch ook niet onbelangrijk!
    Lees meer...   (1 reactie)
    Een aantal maanden lang is Danka frequent te vinden geweest op Harvard Medical School. Ik heb daar destijds al eens kort over geschreven. Het Institute of Chemistry and Cell Biology (ICCB) van Harvard richt zich op chemical biology, dat wil zeggen dat men geinteresseerd is in het effect van chemische verbindingen op biologische systemen. Daarvoor hebben ze een enorme bibliotheek van allerlei verschillende verbindingen, die men op een semi-geautomatiseerde manier kan evalueren. In het kort komt het erop neer dat de onderzoeker (Danka) het experiment moet ontwerpen en de voorbereidingen moet doen, maar het toevoegen van alle chemische verbindingen door middel van robots gebeurt. De read-out (ruwe data van het experiment) wordt ook automatisch gedaan, maar de analyse daarna is weer in handen van de onderzoeker.
     
    Robot-arm
     
    22 juli was het dan zover; de laatste dag van de high throughput screening op het ICCB. Na vele weken hard werken, heeft Danka zo'n 274.000 verschillende chemische verbindingen getest in een experiment dat erop gericht is om nieuwe antibiotica te vinden tegen bacteriën die vaak voor problemen zorgen in ziekenhuizen.
     
    Het einde van de high throughput screening
     
    Ze hebben enkele duizenden hits (kandidaten), die ze nu verder moeten analyseren. Die analyse (in samenwerking met verschillende andere groepen, in het Massachusetts General Hospital en een universiteit in Australië) is er op gericht om uit te vogelen welke van de verbindingen uiteindelijk mogelijk geschikt zijn als medicijn, en bestaat uit computeranalyses en het doen van test in diermodellen . In eerste instantie zijn dit wormen, maar uiteindelijk is het ook de bedoeling om met muizen/hamsters te werken. Daarom is Danka nu ook bezig met een cursus proefdierkunde op Northeastern University.
     
    Ze staan pas aan het begin van het traject tot medicijn, maar het geeft Danka wel voldoening dat ze met iets bezig is wat uiteindelijk maatschappelijk relevant is. Daarbij is het ook een type onderzoek dat tegen het bedrijfsleven aanschurkt, hetgeen haar ook wel aanspreekt.
    Lees meer...   (3 reacties)
    In het begin van de zomer zijn er traditioneel gezien veel wetenschappelijke conferenties. Waarschijnlijk heeft dat te maken met het feit dat het dan rustig is in de academische wereld, en mensen tijd hebben om andere dingen te doen...
     
    Nadat Danka terug was gekomen van haar onverwachte bezoek aan Polen, moest ze gelijk vol aan de bak. De jaarlijkse conferentie van de American Society For Microbiology was dit jaar in Boston, en vrijwel het hele Lewis lab nam eraan deel.
    Een week later was het de beurt aan de Boston Bacterial Meeting, waaraan zowel Danka als ik heb deelgenomen. In tegenstelling tot vorig jaar, vond BBM2008 plaats op de main campus van Harvard, dus niet zover bij ons vandaan. De meeting overlapte uiteraard met het EK voetbal, en je kon merken dat er onder de Europeanen aanwezig op de meeting zeker interesse was om dit te volgen. De eerste wedstrijd van het Nederlands elftal heb ik in een kroeg in Central Sq, Cambridge, gezien met een hele club Nederlanders. De onverwachte 3-0 overwinning op Italië droeg zeker bij aan de goede sfeer daar. De uitslag van de wedstrijd tegen Frankrijk, die samenviel met de postersessie van BBM, vond ik uit via de laptop van iemand van Harvard.
     
    Tot slot ben ik een week lang naar een conferentie in Noorwegen geweest. Deze meeting werd georganiseerd door EMBO, de European Molecular Biology Organisation. De verbinding vanuit Boston was verre van ideaal; uiteindelijk besloot ik via Reykjavik te vliegen met Icelandair. Ik moest vanwege logistieke redenen wel een dag voor de conferentie in Oslo aankomen (en een dag erna vertrekken), maar daardoor had ik wel de gelegenheid om wat van de stad mee te pikken.
    Het weer was niet het beste wat ik me had kunnen wensen, maar het was in ieder geval niet koud. Een buitje nu en dan kon ik wel verstouwen.
     
    Nobel Peace Center, aan de haven van Oslo
     
    De avond voor en na de conferentie verbleef ik in het Anker Hostel, wat niet te ver van de binnenstad ligt. De eerste dag heb ik vooral rondgelopen om een beetje sfeer te proeven; onder meer langs de haven en de "hoofdstraat" Karl Johans Gate (die van het station naar het koninklijk paleis loopt).
     
    De meeting zelf was in Geilo (spreek uit: jeeloo), een bekend Noors ski-gebied. De busreis ernaartoe (geregeld door de organisatie) duurde zo'n vier uur, en voerde ons door een schitterend berggebied met mooie panorama's onderweg. Geilo zelf ligt op hoogte, waardoor de bergen niet echt heel spectaculair waren. Het gebied is bij Noren erg populair voor langlaufen; dan wil je natuurlijk ook niet al te steile bergen.
     
    De eerste paar dagen hebben we niet veel anders gezien dan de binnenkant van het luxe hotel waar we verbleven. Super verzorgd allemaal, en uitstekend eten. De conferentie was erg intensief; een relatief kleine groep (100 man?), lezingen van 8.30 'sochtends tot soms 20.00 's avonds, en omdat de door de deelnemers meegebrachte posters de hele tijd tentoongesteld waren was er ook veel belangstelling voor in de koffiepauzes (dus buiten de geplande tijd voor de poster sessies). Ik heb in een paar dagen een hoop nieuwe mensen leren kennen, waaronder twee Nederlandse professoren (van Harvard Medical School & Case Western Reserve University in Cleveland) waarmee we de Nederlandse overwinning op Roemenië hebben gekeken (het bier was tijdens de wedstrijden in prijs verlaagd van 65 naar 48 Noorse kronen; 5 NKr = ca. 1$).
     
    Op woensdag avond was er een vrijwillige excursie gepland; omdat het daar in deze tijd van het jaar niet echt donker wordt, kun je lang buiten zijn. Speciaal voor de conferentiegangers hadden ze de ski-lift geactiveerd, die ons naar de top van de berg achter het hotel bracht. Daar kon je vervolgens wandelen. Met enkele mensen heb ik uiteindelijk zo'n 3,5 uur gewandeld; de meeste deelnemers waren na een dik uur al weer terug in de bar van het hotel vanwege het feit dat het nu en dan miezerde 
     
    Het groepje die-hards om een uur of 10 's avonds
     
    Na de busreis terug had ik nog een kleine dag om in Oslo door te brengen, en ik besloot wat verder buiten de binnenstad te gaan kijken. Allereerst ben ik met de tram naar het Vigelandsparken geweest. Het park is, hoe kan het ook anders, genoemd naar de beeldhouwer Gustav Vigeland, en staat vol met zijn werk; beelden van vooral naakte mensen in allerlei omstandigheden, soms wat surrealistisch (zoals een man die aangevallen wordt door een horde babies...). De beelden zijn van brons en steen, en op de één of andere manier wel intrigerend.
     
    Zicht op het Vigelandsparken, met de binnenstad van Oslo op de achtergrond
     
    Nadat ik een enorme onweersbui had afgewacht in een koffietentje bij het park (ik was zonder jas), ben ik verder gegaan naar de haven. Daar heb ik vervolgens tijd doorgebracht met het bezichtigen van het Akershus Slott, het fort dat het beeld bepaald van het fjord van Oslo. Het stamt uit de veertiende eeuw, maar er is door de eeuwen zoveel aan verbouwd dat het nu mix van bouwstijlen en materialen is. Vanaf het fort heb je een mooi uitzicht op de haven, waar ook de cruiseschepen binnenkomen (zie foto).
     
    Boem! (kanon @ Akershus Slott)
     
    Vanwege midzomernacht was er een hoop te doen in de stad, en de avond voor mijn vertrek heb ik dan ook doorgebracht met het kijken naar straatacts, en heb ik gegeten in de binnenstad. Ook heb ik tijdens deze dagen eindelijk weer eens een boek kunnen lezen (The Kite Runner van Khaled Hosseini - indrukwekkend). Voor vertrek de volgende ochtend heb ik nog een bezoek kunnen brengen aan de Botanische Tuinen. Daarna was het tijd om met de Airport Express trein weer naar Oslo Airport te gaan (wat overigens op zo'n 50 kilometer afstand van Oslo ligt, maar de trein doet er maar 20 minuten over).
    Lees meer...   (3 reacties)
    Eenmaal per jaar is er ook voor mijn groep op MIT een lab-gerelateerd uitje.  In tegenstelling tot Danka's lab retreat is het alleen niet voor een enkele groep, maar voor het hele departement. Omdat het Department of Biology zich in Building 68 (Koch Building) bevindt, wordt het ook wel het Annual Koch Retreat genoemd.
    Cape Cod is een populaire bestemming voor iedereen in New England, en is ook buitengewoon populair voor dit soort dingen, mede omdat er een groot aantal resorts zijn die het aankunnen om te cateren voor grote groepen.
     
    Door BioHQ (Headquarters, de administratieve afdeling van het departement) was er een tweetal bussen geregeld, die om 8 uur 's ochtends van MIT vertrokken. Een kleine twee uur later (enigzins vertraagd door files) kwamen we aan bij Seacrest, het resort waar we zouden verblijven. Het conferentiecentrum lag pal aan het strand en het weer was fantastisch. Omdat we nog in het voorseizoen zitten was het nog niet druk op de Cape.
     
    We begonnen de dag met een aantal presentaties, gevolgd door een prima lunch. De rest van de middag was vrij, en werd door de meeste mensen doorgebracht met strandwandelingen, sporten zoals football en frisbee (voor zover de straffe wind dat toeliet), en een enkeling waagde zich zelfs aan een duik in het toch nog wel koude oceaanwater.
     
    Drie stappen van het hotel naar het strand
     
    In de namiddag werd het uitje vervolgd met meer presentaties, een diner (beneden standaard) en een postersessie. Zo'n retreat is een mooie gelegenheid om uit te vogelen wat iedereen eigenlijk aan het doen is. Ook is het een relaxte manier om kennis te maken met een hoop van de groepsleiders hier. Ik heb onder andere een tijdje gesproken met Jeroen Saeij, een Nederlander die sinds korte tijd een eigen groep heeft in ons departement.
    Na de postersessie was er nog een feest, inclusief DJ en dansvloer. Niet alleen de studenten en postdocs leefden zich daar helemaal uit, ook de faculty (profs) zetten hun beste beentje voor
     
    De volgende ochtend na het ontbijt werden de presentaties vervolgd. Ondanks het feit dat het de avond ervoor behoorlijk laat was geworden voor sommige mensen, was ook de ochtendsessie goed bezocht en van prima kwaliteit.
    Helaas vertrok de bus terug al om twee uur, waardoor er na de lunch nog maar een klein uurtje was om te genieten van het zomerse weer. Omdat de wind was gaan liggen was het nu echt zomer. Nog even pootje baden en bijkleuren, en toen was het alweer tijd om terug naar Boston. 
     
    Lees meer...   (1 reactie)
    Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl